TOP

Brussel mijn schone

BrusselsLife Team. Découvrir Bruxelles

17 Aug 2021, 00:08 Last Updated: 19 Aug 2021, 12:08

"Brussel, mijn schone," zoals iemand ooit zei. Hij had geen ongelijk.

Brussel mijn schone
Brussel mijn schone

Inademen. Leven. Stel al uw zintuigen open, want BrusselsLife beneemt u mee op voor een bezoek aan Brussel, het Brusseleir Brussel, hette ontdekken Brussel.

De Grote Markt

Brussel heeft tal van plaatsen die u zeker bezocht moet hebben, verplichte stops voor bussen met toeristen, plaatsen die u in elk fotoalbum terugvindt. Ook al worden ze vaak bezocht en gefotografeerd, ze behouden hun schoonheid en Brusselse kantje. Ga bij het verlaten van uw hotel richting Grote Markt. Jean Cocteau noemde het "het mooiste theater ter wereld". En het is waar dat het op zich al een lust is voor het oog. Het is niet voor niets dat de Unesco de Grote Markt in 1998 heeft opgenomen in de lijst van Werelderfgoed. Het stadhuis, dat het architecturale geheel van de gildenhuizen domineert, is asymmetrisch. Volgens de legende heeft dit de architect tot zelfmoord gedreven. Begin juli wordt het openbare plein omgetoverd tot een echt theater voor de figuranten van de Ommegang . Tweejaarlijks ligt er midden augustus een gigantisch bloementapijt . De moeite om in het zonnetje vanop het terras van één van de vele cafés te bezichtigen.

Het meest bekende Brusselse Ketje, Manneken Pis

Manneken laat met zijn grootte vaak een indruk na bij wie hem voor het eerst bezoekt: hij is niet hoger dan vijftig centimeter! Maar dit is ook een goede Brusselse eigenschap. De bescheidenheid van de roem. Hoe dan ook, de Brusselaars hebben veel te danken aan Manneken Pis, want dankzij zijn dringende nood zou hij Brussel gered hebben van een brand die was aangestoken door verachtelijke vijanden. Vandaag de dag is hij vaak gekleed in één van zijn ontelbare vermommingen die worden aangeboden. Men apprecieert hem het meest als hij bier plast! Uiteraard kunnen we beginnen met de grote klassieke musea: de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België bevatten indrukwekkende stukken voor iedereen die geïnteresseerd is in grote doeken. Maar in hetzelfde genre onderscheiden ook het Museum voor Schone Kunsten van Elsene of het MuseumCharlier in Sint-Joost zich. Wat betreft de muziek, is het Muziekinstrumentenmuseum gewoon onvermijdelijk, en voor architectuur het Horta Huis.

Ogen open

Maar in Brussel zijn er ook veel plaatsen die u moet ontdekken en niet noodzakelijk bekend zijn en aanbevolen worden in de "goede" gidsen. U zult de stad anders ontdekken dan als een postkaartje ... Wat betreft musea zult u niet teleurgesteld zijn. Van het Gueuzemuseum tot het Belgisch Centrum van het Beeldverhaal en het Trammuseum via het Theater Toone , er zijn veel gelegenheden om meer of minder belangrijke onderdelen van het Belgische en Brusselse patrimonium te ontdekken. We mogen ook niet vergeten het Museum van de Stad Brussel te vermelden, waar een indrukwekkende collectie kostuums van Manneken Pis is tentoongesteld, en het BELvue museum, dat toegang geeft tot de archeologische overblijfselen begraven onder de Koudenberg.

Oren open

Echt Brussels, dat is er nog in overvloed in Brussel. Neem de tijd om u hiermee te laten doordringen. Het heeft geen nut om een half uurtje rond te slenteren op de vlooienmarkt op het Vossenplein. Het is niet echt nodig het te begrijpen. Het volstaat te genieten. Van een biertje bijvoorbeeld. In het hart van de Marollen, de oude populaire wijk van Brussel, is er dagelijks op het Vossenplein de grootste vlooienmarkt van de hoofdstad. Meer dan 500 antiquairs verkopen van hun "spullen" en "dingen" in een gezellige wanorde. Een wandeling daar is er een waar genoegen. Daar kan men nog de echte sfeer van het oude Brussel inademen. Na een wandeling en enkele koopjes (uiteraard met afdingen), is er niets beter dan een kipkap, een boterham met plattekaas of een uiensoep in een van de zaken die rond het plein liggen. Bier en Brussel, dat is een heel bijzonder verhaal, een verhaal van de streek, een geschiedenis van bacteriën die men enkel hier vindt en waardoor fermentatie een andere wending krijgt. Met als resultaat Lambic, Gueuze, Kriek en Faro. Heerlijkheden die we des te meer waarderen als we de bezieling kennen van de traditie van de familie Cantillon. Cheers! Een erg leuke attractie voor de familie: een bezoek aan het Trammuseum , gevolgd door een rit met een oude tram. De route is een van de mooiste routes om de hoofdstad binnen te rijden en te verlaten: de groene Tervurenlaan, die rechtstreeks leidt naar het kasteel van Tervuren, een andere gril van koning Leopold II. Andere mogelijkheid: een afstand van 35 kilometer in het hart van Brussel, in een tram uit 1935, met een rondleiding. Er zijn er niet veel meer en ze worden steeds zeldzamer. Hoe een frietkot omschrijven? Het is een soort barak die vaak niet echt stabiel lijkt en waar meestal enkel plaats is voor de kok, die bijna alles klaarmaakt, zolang hij het maar in het frietvet kan gooien. De frietkoten zijn een soort van immaterieel erfgoed, met hun geuren die rondhangen. Wat zou het Flageyplein of het Sint-Joostplein zijn zonder hun frietkot? Niet te vergeten dat we daar de beste frieten vinden?

Ademen

Het Zoniënwoud is de long van Brussel, een toevluchtsoord voor stedelingen die willen ademen en zich ontspannen. De oppervlakte van bijna 5000 hectare is vooral beplant met beuken en eiken. Behalve de vele knaagdieren en vogels, zijn er ook herten en een aantal wilde zwijnen (gesignaleerd begin 2007). De vele dreven en paden moedigen aan om lange wandelingen te maken, maar men komt er ook om te mountainbiken en paard te rijden. Helaas doorkruisen enkele wegen dit Brusselse eden (E411 en de Ring). Soms verstoren ze de rust die er heerst. Het Zoniënwoud is veruit het grootste natuurreservaat van Brussel. Maar op de vier hoeken van de hoofdstad zijn er nog enkele juweeltjes van ongerepte natuur. We noemen drie: het plateau Avijl, in Ukkel, met zijn tuinen, weilanden en twee bossen (8,5 ha); het natuurgebied Moeraske in Evere, een moeras gevoed door een klein stroompje, dat insecten en vogels aantrekt die meestal niet dol zijn op grote steden; en het reservaat Poelbos, in Jette, met afwisselend bossen, beken en vijvers, waar de beroemde gele iris, het symbool van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, overvloedig groeit. Frederick Solvel

Blog